Structureel racisme: ad nauseam

confession

Jan Blommaert

Ik herhaal nog even (ad nauseam) waarover het voor mij gaat als we het hebben over structureel racisme.

Wat zich sinds 1989 in dit land heeft voorgedaan is dat, als reactie op politiek genormaliseerd racisme (de doorbraak van Vlaams Blok), de vanzelfsprekende rechten die elke burger in dit land moet genieten voor allochtonen werden voorwaardelijk gesteld door middel van een enorme reeks informele, moraliserende en individualiserende criteria.

Die gingen onder de noemer van “integratie”: de vanzelfsprekende en afdwingbare rechten werden onderworpen aan informele en niet afdwingbare gradaties van “integratie”. Deze verschuiving opende een enorme ruimte van willekeur: een nooit eindigende reeks criteria (van Nederlands tot de hoofddoek) die steeds konden ingeroepen worden als motivering waarom allochtonen (ik gebruik de term uit die tijd) geen volle rechten mochten genieten, en dus mochten gediscrimineerd worden. Voor zij die er toen al bij waren: gedenk het hele debat over stemrecht in de jaren 90, en gedenk de lijn die het CGKR (Centrum-Leman) terzake innam: er waren “harde” discriminaties en die waren strafbaar, en “zachte” discriminaties die men maar moet verdragen. Een enorm deel van racisme werd vanaf dat moment gezien als een “normale” reactie op “abnormale” allochtone vormen van gedrag.

Ik heb daarover vanaf 1989 een hoop analyses gemaakt, en ben er sedert die dag tegen in het verzet gegaan. Want vanaf dat moment ging de strijd voor gelijkheid niet meer over afdwingbare gelijkheid in rechten, maar over ongelijkheid in onbepaalbare, willekeurige en attitudinele aspecten van gedrag en perceptie – het ging niet meer over wat mag of niet, maar over wat ik prettig vind of niet.

De strijd tegen racisme – en ga nu gewoon even de beleidsverklaringen van ELKE regering sinds dat moment na – was een zaak van “bewustmaking”, niet van wetten en afdwingbare maatregelen. Er zouden campagnes gevoerd worden waarin men “bewust” moest worden van hoe onleuk discriminatie wel was. Campagnes voor “tolerantie” – een notie die net zoals “integratie” volslagen en doelbewust vaag is, individueel, moraliserend en attitudineel, en die bovendien impliceert dat men iets tolereren moet wat intrinsiek fout is. Wel, een belangrijk deel van links is hierin niet alleen enthoesiast meegegaan, maar heeft ook de strijd voor gelijkheid van rechten vanaf dat moment bestempeld als een “ontkenning” van “legitieme gevoeligheden” vanwege de autochtone bevolking (zoals die door Dewinter toen, en Francken nu vertolkt worden). Over die gevoeligheden en het feit dat die eigenlijk niet zo tof zijn heb ik een dozijn uitgebreide sensibiliseringscampagnes meegemaakt in media, scholen en organisaties. Miljoenen euro’s zijn erin geïnvesteerd. Is het structurele racisme daardoor afgenomen? Neen, het is versterkt.

Het mechanisme van informalisering, moralisering en individualisering is zelfs veralgmeend in het hele neoliberale “deserving versus undeserving” mechanisme in sociale zekerheid en sociale rechten: het voorwaardelijk stellen van rechten op steun en solidariteit aan individuele gedrags- en attitude-eigenschappen van de hulpzoeker (“waarom moet ik mee betalen voor de gezondheidszorg van een roker als ik zelf niet rook?”, “geen dop voor wie niet heeft gewerkt” enz enz). Denk ook aan de GAS-boetes als een uiting van exact hetzelfde patroon: je overtreedt geen wet, wel een “norm”.

Dus dit gaat helaas niet over het feit of ik individuen ken (of niet) wiens houding veranderd is door bewustwording. Het gaat (en ik dacht, ook bij de “white privilege” stemmen), over STRUCTURELE achterstelling, niet over anekdotische. Net zoals de biecht de herhaling van zonden niet heeft belet, is dit soort “bewustmaking” via zelfkritiek heel erg leuk en heilzaam maar krachteloos. Vind ik het belangrijk? Ja hoor. Maar in het licht van de feiten en de geschiedenis ervan is het van een zeer geringe effectiviteit – er is geen enkel middel zo vaak geprobeerd als dat, meer nog: het is tot nu toe het ENIGE middel dat is gehanteerd in de strijd tegen structureel racisme. De uitkomst ervan verklaart de heftigheid van de antiracistische beweging vandaag: de toestand is nu slechter dan in 1989.

We hebben met z’n allen die informalisering, individualisering en moralisering toegelaten (door sommigen zelfs toegejuicht, en tegenstanders ervan werden verketterd). Wat ik van mensen uit de hoek van “white privilege” hoor is daarvan een zoveelste geval, een uitmuntend voorbeeld van diezelfde logica, een hoogtepunt zelfs. En net zoals ik niet akkoord ging met de lijn die in 1989 werd uitgezet – precies die lijn van informalisering enz als het over harde rechten en gelijkheid gaat – verzet ik mij hier tegen.

Ze mogen gerust verder gaan met onzin over mij en waarvoor ik sta te verspreiden – ik heb het voordeel dat mijn standpunten al jaren op papier staan en dus te verifiëren zijn. Wanneer ze mij precies tegenovergestelde standpunten toeschrijven vertellen ze nonsens, en voel ik me niet geroepen erop te reageren. Degenen die, bijvoorbeeld, van oordeel zijn dat ik “elke analyse van strucureel racisme weiger” zouden best eerst eens de analyses lezen die ik er zelf van heb gemaakt. En degenen die denken dat ik discriminaties, glazen plafonds en zo meer “ontken”, moeten ook maar eens gaan zoeken op mijn blog. Idem met mijn zogenaamde “ontkenning van de impact van het kolonialisme” en met zowat al de rest dat men mij aanwrijft. Er staan zo’n 200 teksten op die blog, waarvan er nogal wat precies die dingen aankaarten en aanklagen, lang voordat de white privilege aanhangers ze meenden te ontdekken.

Aan misverstanden en geïnformeerde meningsverschillen kunnen we iets doen; aan een weigering van begrip en kennis niet. En aan idiote vicieuze cirkels van het genre “elke kritiek op ons standpunt toont de correctheid van ons standpunt aan” of “ook blijven vasthouden aan jouw standpunt toont je white privilege aan” al helemaal niet – dat is namelijk het einde van ieder redelijk debat. We zitten dan in het wereldje van de Blue Pill versus Red Pill, en uit dat wereldje blijf ik liever weg.

Dus: vooraleer we nog meer tijd verspillen, ga eens op bezoek bij https://jmeblommaert.wordpress.com/

Het meningsverschil is in essentie politiek van aard. En ja hoor, het wordt omgezet in een informele, individuele en gemoraliseerde veroordeling, en moraliserend oordeel over de persoon, geen politiek oordeel over het standpunt en de inzet ervan in concrete actie. Ziedaar de wereld van nutteloos “debat” waarin we ons thans bevinden. En ziedaar de schade van bijna 30 jaar indoctrinatie over racisme als een zaak van meningen en attituden.

Dat politieke meningsverschil zou moeten mogelijk zijn en blijven in de antiracistische actie, waarin we – ik blijf het maar hopen – zij aan zij staan.

by-nc

Advertisements

About jmeblommaert

Taalkundig antropoloog-sociolinguist, hoogleraar Taal, Cultuur en Globalisering aan Tilburg University. Politiek publicist.

1 Response

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s