Europa, hou ermee op.

parliament

Jan Blommaert 

Europa begon als een droom van vrede, vrijheid en democratie en is nu een nachtmerrie van business-class lobbycratie, verarming, uitsluiting en surveillantie geworden. Terwijl “eurosceptici” tot nu toe vrijwel allemaal in de extreemrechtse, nationaalchauvinistische en racistische hoek moesten worden geplaatst, heeft deze categorie er de laatste jaren een enorme nieuwe groep bij gewonnen. Miljoenen mensen in de Unie keren zich tegen Brussel vanuit een kritiek op het asociale en antidemocratische karakter van de instellingen. En nog meer miljoenen keren zich gewoon af van het Europese project, en zien het enkel als een zoveelste laag irrelevante bureaucratie die hen bestuurt maar niet begeestert. De soms extreem lage opkomst bij Europese verkiezingen toont dit constant aan.

De EU groeide op de belofte dat de “Europese waarden” geleidelijk aan de nationale waarden zouden overstijgen en irrelevant zouden maken. Die Europese waarden, dat waren de waarden van de Verlichting (niet die van de Joods-Christelijke traditie, zoals sommigen graag beweren). Een volstrekte toewijding aan democratische besluitvorming, een diepgeworteld humanisme – een mensbeeld dus – dat menselijke waardigheid en individuele zowel als collectieve vrijheid centraal stelde, en een koestering van de creatieve geesten die Europa in haar scheppingsmythe zo graag naar de voorgrond schuift en in de benaming van haar programma’s of gebouwen hanteert: Erasmus, Copernicus, Da Vinci, Lipsius, Marie Curie.

Ruim een halve eeuw later zien we dat die reeks waarden enkel nog een schil van propaganda vormen, rond een systeem dat deze waarden op zowat elk concreet punt flagrant tegenspreekt. Laat ons beginnen bij de volstrekte toewijding aan democratische besluitvorming.

De EU is, in de praktijk, geen overkoepelend systeem van bestuur geworden, want de nationale staten spelen er nog steeds een hoofdrol in. Laat ons dat iets preciezer stellen. Via de Raad zijn het de regeringen van de lidstaten die de grote beslissingen nemen. Binnen die raad speelt het gewone politieke spel – de EU heeft deze spelregels dus hoegenaamd niét veranderd – waarin de grootste en sterkste de doorslag geeft. Dit zorgt ervoor dat Angela Merkel niet enkel de voornaamste politica is in Duitsland, maar ook in België, Nederland, Spanje, Griekenland, noem maar op. De gelijkheidsregel die in het Europese Handvest telkens weer wordt bekrachtigd is, in de feiten, een lachertje. De grootste en sterkste lidstaten domineren de Unie, en ze hanteren de Commissie als een handig instrument om onpopulaire beslissingen via de omweg van niet-nationale besluitvorming in de strot van lidstaat-burgers te rammen. België moet Merkel gehoorzamen via de omweg van Juncker – “de EU heeft beslist” is een rookgordijn dat deze vorm van democratische spelvervalsing moet verhullen.

Het Europese Parlement is al van bij aanvang een papieren tijger, een duur ding waarvan de bevoegdheden (ondanks terugkerende inspanningen van het Parlement zelf) nietig blijven, en grotendeels tot symboolpolitiek en retorische krachtpatserij beperkt blijven. Europarlementsleden zullen vanzelfsprekend steigeren en met de grootste klem protesteren als ze dit horen. Maar wie de concrete besluitvorming volgt ziet dat het Parlement daarop nauwelijks weegt, en dat de bevolking van het Parlement nogal diwijls uit afdankertjes van de nationale politiek bestaat. (Bert Anciaux, eerlijk als goud, zei een aantal jaren terug dat hij het graag wat rustiger zou aan doen en daarom graag een post in het Europese Parlement zou krijgen – het EP als de eeuwige politieke jachtvelden). Men kan niet in alle ernst beweren dat de EU functioneert zoals een parlementaire democratie hoort te functioneren.

De democratische legitimiteit van de Commissie is al deels besproken: de Commissie is een façade waar nationale belangen en transnationale machtsverhoudingen achter schuil gaan. Bovendien – en dat geeft ze zelfs met enige trots toe – laat ze zich graag en uitvoerig belobbyen door fors betaalde vertegenwoordigers van private en publieke belangengroepen. Brussel telt na Washington DC het grootste aantal lobbyisten ter wereld. En vermits lobbyen een zeer duur tijdverdrijf is, zijn het de meest kapitaalkrachtigen die het vlotst toegang hebben tot de leden van de Commissie, hun nauwste medewerkers en leidende ambtenaren, en de fractievoorzitters in het Europees Parlement. Het is vreemd dat de EU een afkeer lijkt te hebben van referenda die een hele bevolking betrekken bij de besluitvorming, en haar openheid voor lobbyisten daarvoor als equivalent alternatief voorstelt: de EU wijst precies op de rol van lobby’s om zichzelf op een “democratisch draagvlak” te beroepen.

Deze gekke structuur van de Europese democratie zorgt ervoor dat de EU-besluitvorming zich gedraagt als een doordeweekse nationale koehandel, waarbij de kalender van de nationale verkiezingen de agenda’s bepaalt en de korte-termijn belangen van industriële lobby’s de gaten in deze agenda’s dicht rijden. Men weet binnen de EU dat er weinig te gebeuren staat wanneer de Duitsers of Fransen naar de stembus worden geroepen en dat het stoere gebrul van nationale leiders in dergelijke verkiezingsperioden gewoon het zoveelste “silly season” is – niet iets, dus, om veel rekening mee te houden. En ja, ook hier blijken de verkiezingen in Duitsland veel belangrijker dan die in, zeg maar, Griekenland.

Dat zo’n constructie absurditeiten produceert zoals een koekjesfabriek koekjes, ligt voor de hand. Het beschamende vertoon over de bootvluchtelingen in de Middellandse Zee is enkel vanuit nationale electorale logica te begrijpen. Een snelle optelsom van de rechtse regeerprogramma’s in de lidstaten leidde prompt tot een consensus waarin migratie afgewezen werd, vluchtelingen niet toegelaten werden (enfin, we mogen er 5000 per jaar opvangen, terwijl er dagelijks duizenden aanspoelen op de Zuid-Europese kusten), en generaals mochten nagaan hoeveel torpedo’s er nodig zijn om de “mensenhandelaars” en hun bootjes te kelderen.

Het even beschamende vertoon na Charlie Hebdo vertoonde precies het zelfde patroon: zowat elke lidstaat spreekt zich in vurige taal uit tegen Moslim-extremisme, en dus was de consensus over een nog ruimere en verdiepte EU-politiestaat snel gevonden. En wat de EU-passie voor austeriteit als antwoord op de crisis betreft: de banken- en bedrijvenlobby’s doen daar al jaren vlijtig hun werk. Austeriteit wordt door zowat elke bevolking in elke lidstaat verworpen – er is geen gram draagvlak voor. Het wordt wel met vuur verdedigd door de topkapitalisten die in de verarming van de bevolking een kans zien tot fenomenale verrijking van de aandeelhouders. Ook hier zien we dat deze scheeftrekking in macht wordt verhuld door het vuile werk te laten opknappen door niet-verkozen “technocratische” EU-instrumenten zoals de Commissie, de ECB, de Eurogroep en de Trojka. Het “democratische draagvlak” van aandeelhouders wrijft zich in de handen, want zij zijn uitstekend vertegenwoordigd.

In elk van deze gevallen werden ook de zogeheten “Europese waarden” – zie eerder – te grabbel gegooid. De menselijke waardigheid van de Eritreese migrant in haar bootje, van de als terreurverdachten opgepakte (of neergeschoten) allochtoon, of van de dakloze Griekse moeder en kinderen – deze Verlichtingswaarde wordt met overdaad van woorden en spijtig gefrons even op nonactief gezet. Want, ja, daar is “geen draagvlak” voor gevonden.

Het zijn de Grieken van Syriza die deze knelpunten in februari dit jaar hebben bloot gelegd. En ze deden dat door middel van shaming: ze wezen de EU telkens weer op haar Handvest, de verschillende verdragen die waren gesloten en de woordelijke teksten van akkoorden met de Griekse Regering. Wat de EU op officieel papier zet moet immers beantwoorden aan haar eigen propaganda; wat ze daarrond negotieert is van een heel andere orde. Varoufakis legde deze spagaat bloot toen hij een werkdocument voor de onderhandelingen met de Eurogroep op Twitter gooide. De collega’s waren woest over deze ongehoorde daad van sabotage, tot Varoufakis vroeg of er in dat document iets stond wat de EU-burgers niet mochten weten? Er volgde enkel geknars van tanden, en een mediacampagne tegen de “incompetente” en “arrogante” Varoufakis trok zich prompt op gang.

De Grieken hebben zich sinds februari consequent gedragen zoals voorgeschreven in de basisdocumenten van de Unie: als vertegenwoordigers van een lidstaat die niet enkel in verklaringen maar ook in de feiten gelijk zou moeten zijn aan Duitsland, Frankrijk en de andere ware leiders. Ze hebben benadrukt dat de “consensus” die in de basisteksten beschreven wordt als het model van EU-besluitvorming onderhandeling inhoudt, gevolgd door een echt akkoord dat niet het resultaat kan zijn van dwang of geweld maar wel van redelijk overleg en vrijwillige instemming van alle partijen. Consensus betekent voor de Grieken niet “zich neerleggen bij wat Merkel wil wanneer Merkel dat wil”. Het betekent precies wat in de teksten die ook Merkel, Hollande en Michel binden daarover staat.

Bovenal gebruiken de Grieken met groot meesterschap dat ene grote gat dat in de EU-constructie van haar democratie gebleven is: dat de EU geen autonoom niveau van bestuur is maar wordt geregeerd door lidstaten, die officieel gelijk zijn maar in realiteit – en in consensus – volkomen ongelijk. De Grieken nemen de officiële versie en verklaren zich gelijk aan Merkel – tot grote woede van zij die de officieuze versie wat leuker, handiger en effectiever vonden.

Nu dit democratische en institutionele failliet dankzij de Grieken open en bloot op tafel ligt, is het niet langer houdbaar als de facto systeem van bestuur. De boodschap is dan ook: Europa, hou ermee op. Hou op met doen alsof de Unie een democratisch bestuurde eenheid is, waarin allen als gelijken om de tafel zitten. Werk aan dat belachelijke democratisch deficit en breng je praktijk in lijn met je propaganda. Doe je dat niet, dan zal het aantal eurosceptici – maar nu van allerlei slag, rechts zowel als links – toenemen en er uiteindelijk voor zorgen dat de Unie als constructie op haar grondvesten davert.

Deze idee werd tot voor kort als een catastrofe voorgesteld: we zijn immers gewoon geraakt aan een beeld waarin we onze toekomst enkel nog binnen de EU en de Eurozone kunnen bedenken. Voor steeds meer mensen wordt deze idee nu een vorm van bevrijding. Voor een instelling die de Nobelprijs voor de Vrede heeft gekregen is het een bepaald onaangenaam gegeven dat haar burgers de EU steeds meer als verdrukker en geweldmachine zien. Wel, doe er dan iets aan.

Link

https://jmeblommaert.wordpress.com/2015/03/02/v-van-varoufakis-waarom-we-best-goed-luisteren-naar-de-grieken/

by-nc

Advertisements

About jmeblommaert

Taalkundig antropoloog-sociolinguist, hoogleraar Taal, Cultuur en Globalisering aan Tilburg University. Politiek publicist.

1 Response

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s